Inloggen
Winkelmand

Uw winkelmand is leeg

 

- Schietbrillen


Waarom schietbrillen?

Kleine oogfouten welke bij het gewone binoculaire zien (met twee ogen kijken) niet worden opgemerkt, omdat het ene oog het andere steunt, kunnen met schieten wel degelijk een grote invloed hebben op het schietresultaat.

Heeft u wel eens een oog afgedekt met uw hand en dan vastgesteld wat u in detail kunt zien en hierna het andere oog afgedekt en opnieuw vastgesteld welke details u kunt zien?
Zo niet, doe dit op een afstand van ongeveer 25 meter en vergelijk dan beide resultaten.
Zijn links en rechts volkomen gelijk (het gaat vooral om kleine details), dan is er niets aan de hand). Ziet u verschil dan verdient het de nodige aandacht.

Waarom een schietbril
Een schietbril biedt de mogelijkheid, om het correctieglas haaks en gecentreerd op de kijklijn af te stellen. Bij een gewone correctiebril, kijkt de schutter altijd schuin door het glas en soms nog tegen de rand van het montuur. Dat geeft verkleuringen en bovenal vertekening van het beeld. Geen perfect beeld dus. Aan de schietbril kunnen allerlei extra hulpmiddelen worden gemonteerd, zoals een afdek klepje voor het niet richtende oog en een klein lensje waardoor je bv als brildrager ook nog je kogeltjes scherp kunt zien.

Het diafragma (de Iris)
Het diafragma op de schietbril is een echt wonder. Als je het helemaal dicht draait tot een gaatje van ongeveer 1 mm, dan zie je ineens alles scherp, van voor tot achter, dus ook je schijf. Dat moet je dus niet doen, draai hem beter zover terug, dat de schijf weer een beetje wazig wordt en concentreer je op de scherpte van de richtmiddelen. Het diafragma wordt aan de oogkant van de lens gemonteerd en niet aan de pistoolkant. Dus eerst het diafragma en dan pas de lens.

Kleurtjes en filters
Over een tintje in het glas valt te discuseren, geel maakt zwart zwarter en er is ook nog een soort rose glas (amethyst), dat een buitengewoon helder en contrastrijk beeld geeft. Verder zal in de toekomst de verlichting op de baan en op de schijf feller (meer LUX) gaan worden, althans daar wordt binnen de ISSF over gesproken. Een grijstintje in het glas of een grijsfilter ervoor zou dan het overwegen waard zijn.

Gezichtsscherpte
Om een maximale schietprestatie neer te zetten moet de schutter over een optimale gezichtsscherpte beschikken en juist daar hapert vaak wat aan, zeker bij beginnende schutters, maar ook vaak bij de 40-plussers welke gebukt gaan onder eenvoudig op te lossen gezichtsscherpte problemen. Ervaring genoeg maar juist het scherp zien van de richtmiddelen is hun grootste probleem.

We zullen nu een aantal veel voorkomende gezichtscherpte klachten proberen duidelijk te maken.

We kunnen er van uitgaan dat gemiddeld 1 op de 4 sportschutters een meer of mindere optische gezichtscherpte fout heeft. Nu hoor ik u al zeggen: “Ik zie toch goed.” Ja, inderdaad. Voor normaal zien wel, maar schutters dekken bij het schieten in principe één oog af, nl. het niet richtende oog en van het richtoog verwachten we een olympische prestatie.


De gevolgen van oogafwijkingen bij het schieten.

- Bijziendheid
Het moet begrijpelijk zijn dat zelfs de geringste bijziendheid (myopie) bij het schieten een negatieve uitwerking heeft.
Worden keep en korrel bij zwakke bijziendheid nog goed scherp gezien, dan heeft men bij het kijken naar het doel meer problemen. Men ziet het doel onscherp als er sprake is van bijziendheid, het woord zegt het eigenlijk al.
Men ziet dichtbij (bijziend) scherp bijv. de richtmiddelen, maar op een afstand (het doel) op meer dan 10 meter is de gezichtsscherpte toch onscherp, zeker als we de wetenschap hebben dat we met 1 oog kijken naar het doel (het richtoog).
Deze situatie geeft over het algemeen meer klachten bij geweerschutters als bij pistool schutters.
- Verziendheid (hypermetropie)
Bij verziendheid ziet men ziet het doel relatief scherp maar de richtmiddelen blijven wazig. Het vermogen van het oog om aan te passen (accommodatie vermogen) zal bij deze oogafwijking stevig aangesproken moeten worden, wat een flinke inspanning betekent.
Het resultaat is dat men al snel vermoeide ogen krijgt en geneigd is om de schietseries af te raffelen. Het doel een beetje onscherp is voor een sportschutter nog enigszins acceptabel, maar onscherpe richtmiddelen dat werkt niet.
- Astigmatisme (beeldvervorming)
Nu zijn er meer soorten van oogafwijkingen die u bij het schieten parten kunnen spelen. Astigmatische is bij het schieten eveneens een handicap. Bij het kijken naar een ronde doelschijf zal men deze enigszins elliptisch zien, dus niet scherp begrenst wat het richten er op duidelijk bemoeilijkt. Door astigmatische oogafwijkingen zal men al snel vermoeide ogen krijgen, zeker bij langere schietseries. Ook is hoofdpijn niet ondenkbeeldig. De schutter zal op alle afstanden matig zien. Het waargenomen beeld is nooit helemaal scherp. Door deze oogafwijking te corrigeren kunnen we vaak het probleem oplossen van die onverklaarbare schoten die niet in de roos zitten, terwijl u er van overtuigd was dat het schot goed zat.
40-plus en de schietsport
Schutters die de leeftijd van veertig jaar passeren kennen het verschijnsel van de leesbril, de armen worden te kort. Als deze schutters vuist vuurwapens schieten, zullen zij problemen krijgen om hun richtmiddelen scherp te zien. Het probleem is dat men niet goed meer op de richtmiddelen kan instellen, want ze hebben ook behoefte aan hun eerste leesbril. De armen worden te kort. Men denkt dit op te kunnen lossen met een eenvoudig leesbrilletje, dan kunnen ze de richtmiddelen goed zien. Helaas, dit gaat niet op. Het blijft behelpen. Dit probleem kan alleen door een deskundige goed opgelost worden d.m.v. een prima aangepaste schietbril. Dit geldt uiteraard alleen voor hen die hun score en schietkwaliteiten willen verbeteren en continueren.

Juist voor deze schutters is er een prima oplossing d.m.v. een schietbril van het merk Knobloch

Voordeel Optiek heeft voor elk zichtprobleem een perfecte persoonlijke oplossing. Het kijkprobleem van de schutter moet opgelost worden. We moeten ons realiseren dat we bij het schieten 50% van ons gezichtsvermogen niet mee laten kijken, belangrijk is het richtoog (dominante oog), daar moeten we alles mee doen.